Uncommon Ground trekt steeds meer makers
Op woensdag 28 oktober vond de eerste lezing in de lezingenreeks De Weerbare Stad plaats. Te gast was luitenant-kolonel Bernice Leijen-den Bak. Centraal stond de vraag 'Hoe blijft medische zorg functioneren wanneer een crisis of conflict uitbreekt?' Volgens Bernice Leijen-den Bak begint dat werk ruim vóór zo’n moment: organisaties moeten elkaar kennen, elkaars taal begrijpen en weten wie waarvoor verantwoordelijk is. In haar huidige functie als liaisonofficier is zij dé schakel tussen het ministerie van Defensie en het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS). “Know each other before you need each other” was een terugkerende boodschap van de avond.
De avond opende met een inspirerende column van Alfred van der Klis (Defensity College & Society College) over het Papoeaanse eiland Pulau Bepondi, waar zijn wortels liggen: een idyllisch eiland met warme mensen en een groot gemeenschapsgevoel. Tegelijkertijd is het dagelijks leven er onzeker. Alfred was er om te bekijken hoe medische en energievoorzieningen kunnen worden ondersteund. Tijdens zijn bezoek zag hij hoe de bewoners van het eiland . Hun zorgen gaan niet over vergezichten, niet over later, maar over de dag van morgen, nadat vandaag was overleefd. Zijn bezoek riep bij hem de vraag op waar mensen de kracht vandaan halen, wanneer perspectief ontbreekt.
Alfred betoogt dat weerbaarheid begint bij de gemeenschap, de stad, de familie en het sociale netwerk. Fysieke, mentale en sociale weerbaarheid hangen daarbij samen. Het is een grote gezamenlijke opgave. Daarmee zette hij de toon voor een gesprek over een grote gezamenlijke opgave: voorbereid zijn en elkaar weten te vinden, om overeind te houden wat er echt toe doet.
Als liaisonofficier vormt Bernice Leijen-den Bak de schakel tussen Defensie en VWS. De samenwerking tussen beide ministeries kwam tijdens de coronacrisis op gang, maar zakte daarna deels weg. Toen de geopolitieke situatie veranderde, groeide de behoefte om de voorbereiding opnieuw op te pakken. Dat bleek niet vanzelf te gaan: de ministeries werken met verschillende verantwoordelijkheden, processen en werkwijzen.
Haar rol bestaat daarom niet alleen uit inhoudelijk adviseren. Ze bouwt aan een netwerk, brengt de juiste mensen bij elkaar en helpt de organisaties elkaars perspectief te begrijpen. Een gedeelde ervaring, bijvoorbeeld door samen een crisissituatie te oefenen, kan daarbij helpen. “Er was geen onwil, maar wel onbegrip,” vertelde ze over de samenwerking.
De samenwerking tussen VWS en Defensie is daarmee concreter geworden. In 2025 deden de ministeries aanbevelingen om beter samen te werken. Daarna maakten ze een gezamenlijke werkagenda voor 2026–2028 en afspraken over hoe ze de weerbare zorg organiseren. Ook bezoeken ze samen oefeningen. In een Kamerbrief beschreven ze hun gezamenlijke opdracht.
De lezing ging ook over persoonlijke weerbaarheid. Bernice Leijen-den Bak vertelde over de zware opleiding die zij in 2012 afrondde met de eindmars en het behalen van haar rode baret. Na weken van inspanning, weinig slaap en lange marsen zag ze haar familie terug. De glimlach op dat moment is voor haar een herinnering waar ze op moeilijke momenten naar teruggrijpt.
Weerbaarheid vraagt volgens haar niet alleen fysieke kracht, maar ook het vermogen om met tegenslag om te gaan. Ze sprak open over de combinatie van haar militaire werk en het gezinsleven, onder meer tijdens de coronaperiode, toen werk en zorg thuis samenkwamen. Perspectief houden, relativeren en reflecteren hielpen haar daarbij.
In het gesprek met de zaal kwam ook de rol van lokale en private partijen aan bod. Een weerbare zorgketen vraagt om samenwerking binnen de overheid en om betrokkenheid van organisaties buiten de overheid. Dat speelt bijvoorbeeld bij de voorbereiding van het Marineterrein als mogelijk noodsteunpunt en bij de vraag welke partijen nodig zijn om voorzieningen in een crisis draaiend te houden.
De praktische lessen van Leijen-den Bak waren helder: zoek een gezamenlijke taal en afgestemde processen, spreek verwachtingen uit en probeer eerst de context van de ander te begrijpen. Zo kunnen verschillen in mindset, werkwijzen en middelen worden overbrugd.
Deze bedrijven en organisaties zijn betrokken bij dit experiment